| Ontstaan |
|
Vele ‘Russische’ tewerkgestelden kwamen terecht in grote Amerikaanse kampementen. Het gonsde van de geruchten dat een terugkeer naar het land van Stalin, zou eindigen in Siberische gevangenkampen. Nederland zocht werklieden om zich in Hengelo te vestigen en te werken bij metaalfabrieken zoals Stork. Ook de oprichters van Roesalka, de heren Roman Pyndus, Michael Romanyk, Ivan Kindy en Michael Bryk bouwden een nieuw bestaan op in ons land. Op een verjaardag in 1954, waar de heren waren uitgenodigd, begonnen zij spontaan Oekraïense volksliedjes te zingen. Dit ging niet onopgemerkt voorbij aan de daar aanwezige leider van Tremolo, Herman Kuitenbrouwer. Tremolo was een orkest, dat mandolinemuziek bracht en daarnaast zang & cabaret. Hij vroeg hen die liedjes te zingen en te dansen op het eerste lustrum van dit ensemble. Dit was uiteraard makkelijker gezegd dan gedaan. De in Overdinkel woonachtige Michael Bryk, was in die in die tijd al bezig met het geven van volksdansles aan Nederlandse kinderen. Deze landgenoot bracht enkele jonge meiden van de Enschedese balletschool in contact met de Hengelose Oekraïners. Onder zijn leiding heeft men enkele dansen ingestudeerd en werden provisorisch kostuums gemaakt. Geoefend werd er bij café Falkman in Hengelo. Muziek kwam uit Canada, via geïmporteerde 78-toeren platen, waar veel Oekraïense diaspora woonden. De bedoeling was een eenmalig optreden. Echter, het werd een groot succes! |